Tijd laat sporen na.
In mensen. In ruimtes.
Deze reeks bestaat uit twee lijnen:
portretten van mensen die een foto van zichzelf als kind vasthouden,
en beelden van lege plekken, net nadat iemand ze heeft verlaten.
De portretten zijn zwart-wit en frontaal.
De lege ruimtes zijn in kleur, als herinneringen die nog warm zijn.
Samen vormen ze een dialoog tussen aanwezigheid en afwezigheid.
Niet als opeenvolging, maar naast elkaar.
What remains in time kijkt naar tijd
als iets dat zich vastzet,
en blijft.









